
Dag 3
Vanochtend vertrokken we uit de beeldschone hoofdstad Sana'a, op weg
naar het spectaculaire vestigingsdorp Shahara. Afscheid van het
sprookje dat Sana'a heet. We stouwen ons in de Toyota-vierwieldrijvers
en dan gaan we op weg. Het landschap is uitermate afwisselend. Eerst
nog vlak. Na het stoffige ongeplaveide provinciestadje Amran nemen we
een bergje, en als we dan omkijken hebben we echt een fantastisch
uitzicht. Jemen blijkt ook buiten de hoofdstad een prachtig land te
zijn. Na Huth begint het gehobbel over een pad, totdat we bij een soort
parkeerplaats komen.
Hier moeten we onze auto's achterlaten, want vervoer naar boven
wordt verzorgd door de lokale bevolking. Pleuni, onze reisbegeleidster,
onderhandelt met een paar enigszins duistere Jemenieten, dolk in de
riem, kalasjnikov in de hand, over de prijs van het vervoer in en op de
trucks. Shahara is het beroemdste vestingdorp van Jemen, op 2600 meter
hoogte. Het onderhandelen loopt ons gelukkig goed af. Dan begint de
klim. We begrijpen, staande op de truck, onmiddellijk waarom Shahara
tot de komst van vliegtuigen in de burgeroorlog in de jaren zestig een
onneembare vestiging was. Het pad gaat zó steil omhoog dat we verbaasd
zijn dat de auto dit aankan. Ook liggen er stenen op het pad, half zo
hoog als de wielen. Het chauffeurtje, dat ondanks zijn indrukwekkende
dolk maar net boven het dashboard uit komt, stuurt ons echter
onvervaard langs alle ravijnen. We staan ons rammelend en schokkend te
vergapen aan steeds imposanter wordende uitzichten. In de verte zien we
al vaag de contouren van Shahara. Als we boven aankomen, blijkt een van
de trucks panne te hebben. Het is inmiddels al aardig donker geworden,
maar ons chauffeurtje gaat in z'n eentje op zoek. Hij kent de weg
tenslotte al hoogstens 13 jaar. Een half uurtje later komt de truck dan
ook terug in het dorp, met de rest van de groep.
In Shahara overnachten we in een zeer eenvoudige funduq. Met 10
personen op de slaapzaal, in een van de beroemdste vestingdorpen van
Jemen, wat een belevenis. Het toilet bestaat uit een gat in de grond.
 Dag 4
Shahara is een traditioneel Noord-Jemenitisch dorp met prachtige uit
natuursteen opgetrokken huizen. Sommige ervan zijn ernstig beschadigd
door de bombardementen uit de burgeroorlog. Aan de rand van het dorp
zijn prachtige uitzichtpunten. Hier zou je uren kunnen zitten, genieten
van de adembenemende omgeving. In de verte zie je op de andere bergen
vergelijkbare vestingdorpen liggen. Terwijl we het dorp weer intrekken
komen we zwaar gesluierde vrouwen tegen die op pad zijn om water te
halen.
Na een paar uurtjes dalen we via een geitenpaadje te voet een gedeelte
van de berg af. We komen aan bij een 300 meter diepe kloof tussen twee
bergtoppen. Via een beroemde zeventiende-eeuwse Turkse hangbrug steken
we over. Vervolgens lopen we, genietend van de prachtige omgeving,
langs terrassen met landbouwgewassen, totdat we bij de wachtende truck
aankomen.
Op de terugweg naar het zuiden bezoeken we de tweelingstadjes Shibam en
Kawkabam. Onderweg naar Kawkabam zien we de groene vlaktes vol
landbouwgewassen waaronder soghum, maïs en aardappelen. Boven
aangekomen bij Kawkabam gaan we snel door de poort naar binnen. De stad
is omringd door hoge muren, slechts één poort geeft toegang tot de
stad. De sfeer in de stad is zeer bijzonder. De huizen staan ver uit
elkaar en vele ervan zijn onbewoond. We zijn het er allemaal over eens,
het lijkt wel een spookstad.
Vanuit Kawkabam gaan we via een klein weggetje naar Shibam. Het is
een mooie tocht omlaag, waarbij we steeds een schitterend uitzicht over
Shibam en de achterliggende vlakte hebben. Na een kopje mierzoete thee
gaat de rit verder naar Menakha. De omgeving is hier opvallend groen en
op bijna iedere heuveltop zien we wel een dorpje dat helemaal in de
omgeving opgaat. Het landschap rond Menakha is volgens Pleuni het
mooiste van heel Jemen. We zijn het allemaal met haar eens. Aangekomen
in Menakha maken we een prachtige wandeling. Het lijkt alsof de tijd
hier honderden jaren heeft stilgestaan.
 Dag 6
Vandaag gaan we naar zee. Iedereen is in zijn beste humeur. Wandelen in
de bergen is natuurlijk mooi, maar nu is het tijd voor uitrusten. Als
we afdalen uit het hoogland komt de warmte ons tegemoet. De temperatuur
stijgt na elke kilometer een graad. Halverwege de dag komen we aan in
het vissersdorpje Al Khokha. En genieten, ons hotel ligt pal aan het
strand. Wij gaan gezellig met een groepje in de koele schaduw van de
dadelpalmen liggen. Maar eerst… een duik nemen! De hele middag luieren
we lekker op ons strandje, verliefd zijn we geworden op de helderblauwe
Rode Zee. De anderen komen ook bij ons zitten, nadat zij een fikse
strandwandeling hebben gemaakt. Beb en Henk komen terug met prachtige
verhalen over de markt. Krijgen we nu spijt van ons luie gedrag? We
spreken met ons strandclubje en Pleuni af dat we dan volgend jaar maar
weer verplicht terug moeten naar Jemen.
|
Tel: 09 223 00 69