Reis zoeken

Soort reis

Regio

Met oog voor

Reisduur

Vertrekperiode

Prijs

Sri Lanka: koloniale overnachtingen


Veel landhuizen bestaan nog, verscholen achter bomen, veelal aan het einde van een flinke oprijlaan. Tegenwoordig zijn de meeste van deze huizen eigendom van de huidige Srilankaanse elite, die het warme en hectische leven van Colombo, zij het nu vaak voor slechts een lang weekend, achter zich laten. Eén landhuis is in het verleden omgebouwd tot hotel en dient nu als thuisbasis voor Djoser-reizigers tijdens hun verblijf in Nuwara Eliya.

Als je het St. Andrews Hotel ziet liggen, ervaar je onmiddellijk de nostalgie ervan. Het gebouw straalt rust en sfeer uit, de tuin is prachtig aangelegd, met prachtige bloemen en een gazon als een biljartlaken. Langs de oprijlaan staan fraaie rozenstruiken en een klein legertje van tuinlieden knipt, snoeit en maait alsof de koningin morgen alsnog even langskomt. Het klimaat hier is de tuinman uitermate gunstig gezind: het is dezelfde combinatie van temperatuur, hoogte en vochtigheid die ervoor zorgt dat de heuvels tot in de verre omgeving van Nuwara Eliya uitbundig met theeplantages zijn bedekt.

Periode van bloei
De historie van het hotel is onlosmakelijk verbonden met het koloniale verleden van Sri Lanka. Begin 1900 werd door het Brits koloniaal gezag een enorm stuk grond door de overheid weggegeven aan "een dienaar van de koningin, voor verleende diensten." Op deze grond werd een landhuis gebouwd, dat al snel als 'Scot's Club' in gebruik werd genomen. In de loop der jaren werden omliggende stukken land verkocht en kwam het huis, met het resterende terrein, in handen van een groep investeerders.

Het gebouw werd uitgebreid met een aantal kamers, een biljartkamer, een ruime keuken en eetzaal. In 1919 ging het hotel van start en begon een periode van langdurige bloei. Ieder jaar, van december tot mei, werden er niet alleen grote paardenraces georganiseerd (in Nuwara Eliya tref je naast een prachtige golfbaan ook een grote renbaan aan), maar ook bloemenshows, tennistoernooien en andere vormen van typisch Engels entertainment.

In oude glorie hersteld
Toen in de jaren dertig de grote depressie ook Ceylon trof, gingen de zaken in snel tempo achteruit en werd het St. Andrews tijdelijk gesloten. Het echtpaar De Zilwa kwam in het bezit van het hotel en exploiteerde het van 1933 tot de dood van mevrouw De Zilwa in1976. De huidige eigenaar paste het hotel verder aan, bouwde er een aantal kamers bij en herstelde het in z'n oude glorie.

Het hoofdgebouw van het St. Andrews Hotel is eigenlijk nooit veranderd. Bijzonder is de biljartkamer: een schitterende, met donker hout betimmerde ruimte waarin een enorme biljarttafel staat. Een oud baasje beheert er de boel, reikt je allerlei ingewikkeld ogende keus aan en kijkt meewarig als je een zeer voor de hand liggende bal mist. Ook een tweetal stijlkamers, die nu als lobby fungeren, zijn grotendeels origineel. Comfortabele fauteuils, een brandende open haard en een heerlijke 'St. Andrews cocktail' geven je het gevoel even in de tijd te zijn teruggeworpen. Kortom, het St. Andrews Hotel is een historische 'landmark' en een oase van rust in de levendige handelsstad Nuwara Eliya.

Tijdens de 22-daagse Djoser-reis door Sri Lanka verblijf je drie nachten in het St. Andrews Hotel, hoog in de bergen in het handelsstadje Nuwara Eliya. Tijdens deze Sri Lanka-reis maak je kennis met alle aspecten van het land: schitterende natuur, eeuwenoude cultuur, prachtige stranden en een zeer vriendelijke bevolking. Reissom vanaf € 1295,- per persoon (vertrekdata het gehele jaar door).




  
Aan de informatie in deze artikelen en verhalen kunnen geen rechten ontleend worden.

Sigirya, mystieke rots in Sri Lanka

Het heeft iets mysterieus, de eenzame grote rots die gelegen is tussen de uitgestrekte vlaktes in het noorden Sri Lanka. De naam voor deze bijna 200 meter hoge rots, waar in vroeger tijden prachtige paleizen op gebouwd stonden, is Sigirya. Sigirya betekent letterlijk vertaald ‘leeuwenrots’. Srilankanen noemden zichzelf vroeger “Sinhalezen”en dat betekent “volk van de leeuw”. Dat is waarschijnlijk de reden geweest dat Koning Kasyapa in de 5 eeuw N.C. een leeuwenkop en twee poten liet uithouwen in de rotsen halverwege de berg. De wandeling naar boven voert je eerst langs de ruines van de oude paleizen en baden van de koning. Daarna volgt er een trap die je uiteindelijk bij de “spiegelmuur’ brengt.  Deze spiegelmuur reflecteerde in vroeger tijden de prachtige fresco’s die aan de andere kant van de muur beschilderd waren. Eenmaal boven gekomen heb je een adembenemend uitzicht op de omgeving.