Het Egyptische labyrint

Het Egyptische labyrint

Rond 450 v.Chr. reisde de Griekse geschiedschrijver Herodotus door Egypte. Stomverbaasd verkende hij aan de rand van de Fajoem-oase een tempel die zo immens was, dat een bezoeker er gemakkelijk in zou kunnen verdwalen. Dit “labyrint” zou groter zijn dan alle monumenten uit de Griekse wereld samen, “het labyrint evenaart zelfs de piramides!”, vertelde Herodotus.

Door Toon Sykora

Op zoek naar het verloren labyrint

Toen reizigers op zoek gingen naar het intrigerende monument dat Herodotus bezocht, stonden ze voor een raadsel: het labyrint leek onvindbaar! Uiteindelijk verkenden twee Franse ingenieurs tijdens Napoleons invasie van Egypte ruïnes in de streek van Hawara. Misschien waren dit wel de resten van het verloren labyrint? In de 19e eeuw onderzochten verschillende egyptologen de site, maar van het eens enorme bouwwerk bleef niet veel meer over. De meeste ruïnes bleken uit de laat-Romeinse tijd te stammen, toen er op dezelfde plaats een dorp ontstond. Van het labyrint zelf waren enkel fragmenten bewaard: stukken van granieten zuilen, kalkstenen beelden en de veelkleurig beschilderde muurreliëfs die de tempel ooit versierden. Het waren bescheiden getuigen van het complex dat bij antieke bezoekers zoveel verwondering opriep.

De piramidetempel van Amenemhat en Neferoesobek

PiramidetempelDe archeologische resten maakten ooit deel uit van de enorme piramidetempel die de Egyptische koning Amenemhat III rond 1800 v.Chr. in Hawara liet bouwen. Achter de tempel doemde de piramide van de koning op, wellicht de plaats waar hij uiteindelijk werd begraven. Met een hoogte van 58 meter zou Amenemhats piramide door geen van zijn opvolgers geëvenaard worden. Sowieso was het monument een van de laatste koninklijke piramides die in Egypte werd gebouwd. Op dit moment was piramidebouw behoorlijk efficiënt geworden. In plaats van een massieve stenen monument bestond een piramide nu grotendeels uit goedkope en eenvoudig te maken blokken uit gedroogde klei. Tegenwoordig is enkel die kleistenen kern van de piramide bewaard, de buitenlaag van kalksteen werd lang geleden weggehaald en hergebruikt in andere bouwwerken.

Hetzelfde gebeurde met de bouwstenen van de tempel die aan de piramide lag. Toch rest er nog genoeg om een beeld te krijgen van de grootte van het monument. Over de enorme schaal van het labyrint had Herodotus duidelijk niet gelogen. De tempel bestond uit tientallen complexen van kamers en binnenplaatsen. Die deden dienst als voorraadkamers en ruimtes waarin priesters rituelen uitvoerden voor verschillende goden. Ook Amenemhat III zelf werd er vereerd als god, het herdenken en onderhouden van de koning was tenslotte het hoofddoel van een piramidetempel.

Niet lang na Amenemhats dood liet een tweede farao zich in de tempel vereeuwigen. Toen Neferoesobek, de dochter van Amenemhat III, de Egyptische troon besteeg, voegde ze haar naam en beeltenis toe aan het tempelcomplex in Hawara. Zo verbond ze zich niet alleen aan haar illustere vader, maar ook aan de regionale krokodillengod Sobek, die in de tempel een belangrijke rol speelde.

Fantasierijke reconstructies

Egyptisch LabyrintDoordat de tempel van Amenemhat en Neferoesobek al in de oudheid grotendeels ontmanteld was, bleef er bijna niets meer over om het oorspronkelijke grondplan uit af te leiden. Natuurlijk hield dit niet iedereen tegen om toch een poging te wagen. Met Herodotus’ gedetailleerde beschrijving en de verslagen van andere antieke auteurs onder de arm gingen een aantal onderzoekers de uitdaging aan om de tempel te reconstrueren.

De vroegste reconstructies van het labyrint hadden weinig gemeen met oud-Egyptische tempels. Sommige haalden hun inspiratie bij klassieke tempelarchitectuur, andere leken volledig ontsproten aan de fantasie van de tekenaar. De plattegronden toonden echte doolhoven, met een bijna eindeloze opvolging van kronkelende gangen. Archeoloog Flinders Petrie, die aan het eind van de 19e eeuw het tempeldomein onderzocht, zag zich genoodzaakt om een meer betrouwbare inschatting te maken. Zijn plan bestaat uit open zuilenhallen met aanliggende kapellen, veel meer in lijn met oud-Egyptische architectuur. Omdat hij bijna geen architectuurresten op de site vond, was ook deze reconstructie niet veel meer dan een beredeneerde gok en zelf zou Petrie later zijn eigen plan herzien.

Versierde muren

PetrieHoewel we het labyrint nooit precies zullen kunnen reconstrueren, weten we gelukkig een beetje hoe de tempel er vanbinnen uitzag. De muren waren volledig versierd met beschilderde reliëfs. Tijdens zijn opgravingen vond Petrie verschillende fragmenten van die muurversiering. De fragmenten zijn vaak klein en geen ervan past in elkaar. Toch geven ze nog een goed beeld van de oorspronkelijke pracht van de tempel en zijn het zeldzame voorbeelden van tempelkunst uit het Egyptische Middenrijk (ca. 2050-1750 v.Chr.).

De fragmenten tonen delen van geometrische versieringen met sterren en kleurbanden. Daaronder stonden taferelen waarin de koning offergaven aanbood aan verschillende goden: voedsel, zalfolie en wierook. Inscripties met prachtig uitgekerfde en veelkleurige hiërogliefen bevatten offerspreuken en noemden wie er precies op de muren stond. In de versierde ruimtes stonden levensgrote standbeelden van de koning en goden opgesteld. Beelden, klaar om offers te ontvangen.

Na de opgravingen van Petrie werd een groot deel van de versierde muur- en beeldfragmenten aan een van de sponsors van het veldwerk geschonken. Die verkocht het in 1934 aan het RMO, waar de collectie nog steeds wordt bewaard en bestudeerd.

Bekijk de reizen naar Egypte, de specialiteit van Djoser, op onze website